Review: Het jaar van de hond – Eva Daeleman

Het jaar van de hond in de Alpen

Ik had hier en daar al iets over Het jaar van de hond gehoord en toen ik met een boekenbon in de winkel stond en het zag liggen, dacht ik: “Allez waarom nu niet. Een BV die in hetzelfde schuitje zat. Het kan u alleen maar geruststellen.”

Het was juli. Stel je even voor: een balkon van een Zuid-Tirools Ferienhaus, uiteraard inclusief de obligatoire bloembakken aan de houten balustrades. Zicht op de bergen: check. Het getinkel van koeienbellen op de achtergrond: check.
Het was inmiddels twee maanden geleden sinds ik mijn laagtepunt had bereikt en ik was nog volop bezig mijn eigen dal uit te klauteren. De berglucht, het vele wandelen en verder aan niets moeten denken hielpen daar zeker bij. Geen beter moment om te bezinnen en tot mezelf te komen, o.a. door het lezen van dit boek, dacht ik zo.

review het jaar van de hond

Eva Daeleman

Eva was middenin haar gay twenties toen ze onderuit gehaald werd door een burn-out. Als radiopresentatrice en drukke single leefde ze een intens leven. Ik kende haar helemaal niet want ik ben niet zo’n BV-spotter, maar blijkbaar deed dit nieuws indertijd nogal wat stof opwaaien want veel mensen vinden een burn-out een ziekte voor aanstellers. En BV’s dat zijn sowieso al aanstellers dus Eva kreeg bakken kritiek over zich heen. Ik vind dat echt erg, want wie zijn die mensen die denken dat ze iemand kennen omdat ze haar elke dag op de radio horen en daarom vinden dat ze haar mogen be- en veroordelen?

Het boek: Het jaar van de hond

Dit boek is meer een dagboek. Eva vertelt met stukjes en beetjes over haar dagdagelijks leven. Je mag binnenkijken in haar huis, in haar gewoontes, in haar hoofd. Ik vind het wonderbaarlijk hoe ze zichzelf zo durft opensmijten voor haar lezers.

Het is ongelooflijk hoeveel ik van mezelf herkende in haar verhaal. Tegelijk voelde ik me soms een beetje schuldig: ik moest toegeven dat zij zoveel dieper zat dan ikzelf. Was ik dan niet toch een béétje een aansteller?

Doen alsof er niks aan de hand is: cum laude afgestudeerd. Maar als je een elastiek te hard aanspant, dan knapt ie. Je kunt er dan wel een knoop in leggen om hem opnieuw te kunnen gebruiken, maar echt herstellen kun je hem niet. En dat is bij mijn lijf ook zo. ‘Te’ is nooit goed. Tenzij het over tevreden gaat.

Maar dan zijn er alle overeenkomsten. Perfectonistisch, hoogsensitief en ook zij voelde zich onmisbaar op het werk en kon zich niet voorstellen om zomaar twee weken afwezig te zijn. (Serieus, het bedrijf waar ik werk is gewoon blijven draaien hoor.) Want daarmee begon het: twee weken ziekteverlof. Met stoppen met sporten. Met thuiszitten en Netflix kijken. Middenin dat alles moet ze haar eerste boek, Factor 25, gaan promoten. En ze vond yoga – inmiddels heeft ze haar eigen yogastudio, Studio Stil. Maar goed, voor het zover was, had ze nog een lange weg te gaan.  Ze kocht een hond, Olav, een superschattige pug die wel eens op haar Instagram voorbijkomt. Ik ben fan, van Olav én van Eva.

En toch, ondanks het warme gevoel van herkenning op vele bladzijden, begon ze me hoe langer hoe verder in het boek kwijt te raken. De eerste helft van het boek heb ik halve bladzijden zitten markeren met JA! ZO IS HET HELEMAAL! en GIJ DUS OOK! IK BEN NIET ALLEEN! En dat is zo ontzettend fijn, want de wereld raast gewoon door terwijl jij stilstaat en niet inziet hoe je ooit weer kan staan waar je stond voor je begon af te glijden.

Een collega van me zei: Je bent weer bijna de oude. Nee. Dat zal niet gebeuren, want niets is zoals het was. Alles is anders. Mijn alles op dit moment, dat ben ikzelf. Ik ben anders. Hoe stom zou het zijn om me zo door deze modder te slepen om daarna opnieuw dezelfde fouten te maken?

Maar Eva krabbelt overeind. Eva komt langzaam weer op haar beide pootjes terecht. En ik was nog lang niet zover, zo simpel was het. Om op vakantie te gaan en daar keihard van te genieten. Om veel langer dan één schamele maand weg te blijven van mijn werk – een luxe die ik helaas niet had. Om écht op zoek te gaan naar mezelf. En ergens benijd ik Eva daarom: dat zij het zoveel makkelijker scheen te hebben. Ondanks de diepe dalen scheen ze telkens weer moeiteloos recht te kunnen krabbelen, en kijk waar ze nu staat. En ik weet dat dat vals is, want het is allemaal een kwestie van perspectief. Toen kon ik me niet voorstellen ooit te staan waar Eva aan het einde van haar boek stond. Het geloof in mezelf was bij momenten ver te zoeken.
Het gaat nu beter, ja, maar met kleine stapjes die gaandeweg groter worden. En zij maakt nu reuzensprongen, maar ik twijfel er niet aan of er zijn momenten dat ze stilstaat, of misschien een stapje terugzet, om te luisteren naar haar lijf en te denken: how, efkes rustig aan, de batterijen niet opgebruiken hé!

Weet je.
Als het efkes niet gaat.
Dan is dat ook goed.

Burn-out: een cadeau?

Het mag gek klinken, en ik moest het zelf ondervinden om het te geloven, maar die burn-out was echt een godsgeschenk. Ik heb mezelf er beter door leren kennen. Ik ben aan mezelf gaan werken – hard werken. Ik weet nu wat ik écht graag doe, en wat mijn energie opzuigt als een spons. Ik weet nu hoe ik een aangenamer persoon kan zijn, voor mezelf maar ook voor anderen. En vooral: ik durf vaker mezelf te zijn. Constant doen alsof, daar is niemand bij gebaat. Te ver naar de toekomst denken, dat durf ik niet, maar dat komt ook nog wel en ik ben feitelijk wel content met mijn huidige, eenvoudige leventje. (Hoeveel mensen kunnen dat zeggen: “Hèhè, eigenlijk feitenlijk als ik dat zo bekijk met een glas goeie wijn in mijn hand en languit in de zetel met een boek terwijl de regen tegen het raam tokkelt, ben ik écht content.” Ik voel het nu als mijn lijf of mijn hoofd het ergens niet mee eens is. En, anders dan vroeger, luister ik naar die signalen. Want zo diep wil ik niet meer zinken.

Wat als elk probleem een cadeau is? Wat als elk probleem er is om je iets te vertellen? Zelfs pijn? Zelfs als je denkt dat er geen weg terug is? Ja, ik ben door een pikzwart, diep dal gegaan, maar daarnaast kreeg ik de uitzonderlijke kans om dichter bij mezelf te komen. En me af te vragen: ben je waar je echt wilt zijn?

Dus ja: iedere BO’er, en iedereen die in zijn/haar omgeving met burn-out te maken krijgt, moet dit boek gelezen hebben. Het is een eye opener, en een geruststelling, want ook ‘bekende’ mensen kunnen ten prooi vallen aan de ziekte van deze tijd. En als zij uit hun dal geraken, dan kan jij dat toch ook zeker?!

Mijn jaar is nog niet om. Maar ik kom er wel.

Deze post werd op geen enkele manier gesponsord en bevat 100% mijn eigen mening. De quotes in deze blogpost komen uit het boek.

 

3 Comments

  1. Wel, ik herken mij ook in uw verhaal. Mijn fibro heeft er hier ook voor gezorgd dat ik anders ben gaan leven. Me nu constant afvraag of wat ik doe, voor mezelf is of om een ander te plezieren. Ik heb neen leren zeggen, ik ben zelfverzekerder geworden, al laat dat kl….lijf me wel nog vaak in de steek. Alles heeft zijn doel denk ik. En ik ben door alles wat het leven me gebracht heeft een milder mens geworden. Alles op zijn tijd!

  2. Je kunt het!! Mensen kunnen zo hard zijn en mensen moeten eens leren dat niet iedereen hetzelfde is. Vaak stellen extraverte hardwerkende mensen met een druk sociaal leven zichzelf als de norm. Terwijl heel veel mensen voordeel zouden hebben aan een rustigere leven met minder hoge verwachtingen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *